Onderzoeken
Onderzoeken

Onderzoeken kunnen plaatsvinden bij de logopediste (spraak en taal, schoolrijpheid, schoolse vorderingen), bij de kinesiste (psychomotoriek en concentratie) of bij de psychologe (kennismakingsgesprek, intelligentiebepaling, belevingsonderzoek). In functie van de aanmeldingsvragen, worden één of meerdere onderzoeken gepland. 

  

Kennismakingsgesprek

Bij vermoeden van een complexe (ontwikkelings)problematiek, start het onderzoek met een uitgebreid kennismakingsgesprek bij de kinderpsychologe. De moeilijkheden die u telefonisch aangaf, worden uitgebreid in kaart gebracht. Daarnaast staan we stil bij de achtergrond en ontwikkeling van uw kind (ontwikkelingsanamnese). We luisteren naar uw verwachtingen van het onderzoek en geven informatie over het precieze verloop. Indien er vragenlijsten dienen te worden ingevuld, krijgt u deze tijdens het kennismakingsgesprek mee naar huis.

 

Intelligentie

Intelligentietests bestaan meestal uit twee overkoepelende onderdelen, een verbaal en performaal deel. Binnen het verbale gedeelte wordt het talig redeneervermogen van het kind onderzocht. De kinderpsycholoog onderzoekt of het kind talige opdrachten begrijpt en of het in staat is zijn ideeën te verwoorden. Het performale deel van het intelligentieonderzoek peilt naar het ruimtelijk inzicht en de planning. In dit gedeelte speelt de psychomotorische snelheid een belangrijke rol.

 

Belevingsonderzoek

Een onderzoek naar de emotionele leefwereld van het kind wordt aangeraden wanneer het kind sociale of emotionele problemen vertoont of wanneer vermoed wordt dat de gemelde gedragsproblemen veroorzaakt worden door onderliggende emotionele problemen. Om de emotionele leefwereld in kaart te brengen wordt gebruik gemaakt van verschillende technieken. Allereerst draagt een gesprek met de ouders bij tot een goede schets van de problematiek. Daarnaast wordt individueel met het kind gewerkt aan de hand van gesprekjes, tekeningen of vrije en gestructureerde spelobservaties. 

 

Concentratie

Binnen het concentratieonderzoek onderzoeken we de verschillende aspecten van het concentratievermogen zoals de volgehouden aandacht, de selectieve aandacht, het verdelen van aandacht, de planning en de mentale flexibiliteit (executieve functies).  Om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen van het functioneren thuis en op school, vullen ouders en leerkracht een vragenlijst in over het concentratievermogen en kenmerken van hyperactiviteit en impulsiviteit bij het kind.

 

Psychomotoriek

Via psychomotorisch onderzoek wordt er enerzijds gekeken naar de motorische mogelijkheden van het kind en anderzijds naar de cognitieve aspecten die hiermee samenhangen. Op motorisch vlak wordt een niveaubepaling gedaan van de grote motoriek (evenwicht, coördinatie en balvaardigheid) en van de fijne motoriek (handvaardigheid). Bij onderzoek van de schrijfmotoriek worden de schrijfhouding, de pengreep en de schrijfbewegingen geëvalueerd. Verder kunnen de visuele waarneming en het ruimtelijk inzicht worden nagegaan. Tekorten binnen deze laatste vaardigheden zouden kunnen leiden tot leerproblemen.

 

 Schoolrijpheid

Het doel van een schoolrijpheidstest is nagaan of een kleuter op het einde van de 3de kleuterklas een aantal talige en ruimtelijke vaardigheden onder de knie heeft om in het 1e leerjaar te kunnen starten. In deze testen wordt een onderscheid gemaakt tussen de lees- en spellingsvoorwaarden enerzijds en de rekenvoorwaarden anderzijds. De lees- en spellingsvoorwaarden omvatten een aantal talige aspecten zoals auditieve analyse en synthese (hakken en plakken van woorden), geheugen en rijmen ... Onder rekenvoorwaarden verstaan we de niet-talige vaardigheden die het kinderen mogelijk maken inzicht te krijgen in de verschillende rekenaspecten zoals bijvoorbeeld het ruimtelijk inzicht, het lichaamsschema, de conservatie, het synchroon tellen.

 

Spraak en taal

Bij evaluatie van de spraakontwikkeling worden de articulatorische mogelijkheden van het kind onderzocht. Er wordt nagegaan of het kind voldoende controle heeft over de spieren van tong, lippen, verhemelte … om bepaalde klanken correct te kunnen produceren. Bij controle van het taalvermogen wordt zowel aandacht besteed aan de taalexpressie als aan het taalbegrip. Binnen het taalonderzoek wordt een idee gevormd van de beheersing van woordenschat en zinsbouw. Ook de taalvorming (dit betreft het vormen van meervouden, werkwoorden, verkleinwoorden, trappen van vergelijking ...) wordt hier geëvalueerd. 

 

 

Schoolse vorderingen

In functie van de hulpvraag wordt een evaluatie doorgevoerd van het technisch lees-, spellings- en rekenniveau van het kind. Aan de hand van genormeerde testen wordt een niveau bepaald zodat een eventuele achterstand kan worden vastgesteld. Er wordt eveneens een foutenanalyse gemaakt zodat in de therapie adequaat kan worden ingegaan op de gemaakte fouttypes.